Fons Van Dyck
  • Home
  • De Toekomst Is Terug
  • Over Fons
  • Doe de test
  • Contact

De Kijk van Van Dyck

Fons Van Dyck kijkt om en blikt vooruit op de kleine en grote wereld van consumensen, de rol van merken en media en de ruime samenleving. Meer inzicht, meer vooruitzicht.
​

ontvang de nieuwsbrief

FTI: back to the future

23/3/2024

Afbeelding
Dit weekend heeft de apotheose plaats van Flanders Technology and Innovation, de groots opgezette technologiecampagne van de Vlaamse overheid. Op hetzelfde ogenblik pakken donkere wolken samen boven de Vlaamse industrie. Het lijkt wel alsof de geschiedenis zich herhaalt. Het einde van een tijdperk, en het begin van een nieuw. Zoals een halve eeuw geleden.

De oliecrisis van 1973 plaatste Europa op een keerpunt. Er kwam een abrupt einde aan het optimisme en de voorspoed die de jaren na de Tweede Wereldoorlog toch wel hadden gedomineerd. Die jaren van grenzeloze groei waren nu ten einde gekomen. Het gevoel in de wereld was helemaal gedraaid. Plots kregen gezinnen en bedrijven het moeilijk en gingen de zaken achteruit. De schulden swingden de pan uit. Nationale munten kelderden. Grote industrieën, zoals steenkool, staal, textiel en scheepsbouw moesten de deuren sluiten. De oude vertrouwde recepten werkten niet meer. De groei zou de komende twee decennia bijna halveren, en de hoge inflatie ging samen met stijgende werkloosheid, ook bij jongeren, en een altijd maar grimmigere samenleving. ‘No Future’ van de punkgroep The Sex Pistols werd eind jaren zeventig de hymne van vele jongeren die het geloof in de toekomst hadden opgegeven. De spreekwoordelijke weg naar het stempellokaal was geplaveid met universitaire diploma’s, zo klonk het.
 
Achter deuren en ramen van vele huizen schuilde in de jaren 1980 ‘nieuwe armoede’, mensen die gebukt gingen onder de hoge inflatie en een zware hypotheeklast als gevolg van de stijgende rente die de kredieten spectaculair duurder maakte (Ikzelf leende aan het einde van de jaren tachtig aan een rentevoet van meer dan 12 procent voor de lening voor de bouw van mijn eigen huis). Bovendien bereikten de geopolitieke spanningen tussen het Westen en het communistische Oosten in Europa een hoogtepunt, in een ongebreidelde bewapeningswedloop, inclusief de installatie van kernraketten in eigen land. De Koude Oorlog was helemaal terug. De Britse historicus Eric Hobsbawm benoemt de twee decennia volgend op 1973 als de ‘crisis decades’: ‘A world which lost its bearings and slid into instability and crisis’. ‘Kan het opnieuw gebeuren?’ was een onuitgesproken vraag die op vele lippen brandde, een geruisloze terugkeer naar de donkere jaren dertig van de Grote Depressie, zowel in Europa als in de Verenigde Staten
 
Mijn favoriete boeken voor het vak Engels op de middelbare school (en wellicht ook voor anderen van mijn generatie) waren in die periode Brave New World van Aldous Huxley en 1984 van George Orwell. Dystopische verhalen van een gedehumaniseerde wereld waarin de mens herleid was tot een nummer, een robotslaaf in het totalitaire regime van Big Brother. De parallellen met de fascistische en communistische dictaturen van Hitler en Stalin lagen voor het grijpen. Maar de boeken hielden ook een waarschuwing in: vrijheid is nooit een vanzelfsprekendheid.
 
Tegen deze dystopische economische en maatschappelijke achtergrond stak aan de andere kant van de wereld, in Silicon Valley, een geloof de kop op dat technologie de wereld kon redden, ja zelfs beter maken. Het kind kreeg ook een naam: de personal computer, en ook een gezicht: Steve Jobs van Apple Computer. 
 
De idee van een personal computer ontstond bij de nazaten van de hippiecultuur in Californië in het midden van de jaren zeventig. Een computer was in hun hoofde niet langer een instrument van bureaucratische controle door bedrijven en overheden, maar een symbool van individuele zelfexpressie en bevrijding, van samenwerking tussen gelijkgestemden en persoonlijke ontwikkeling. De computer moest ten dienste van de mens staan, en niet omgekeerd. De mens is begiftigd met een creatieve kracht die zichzelf heruit kan vinden, en zijn eigen leven vorm kan geven. Computers moesten instrumenten worden om mensen samen te brengen en in harmonie met mensen te bestaan.
 
De geschiedenis van de personal computer leert ons hoe nieuwe tegenstromen zich aandienen op een ogenblik dat de tijdsgeest doordrongen is van onzekerheid, angst en frustratie. Apple en de personal computer leren ons opnieuw – zoals bij Bauhaus in de jaren 1920 overigens ook – hoe nieuwe tegenstromen hun schaduw ver vooruit in de tijd kunnen werpen, en tot op vandaag ons leven en werken beïnvloeden.
 
Zowel de founding fathers van de personal computer destijds,  als Open AI vandaag, leren ons ook hoe radicale vernieuwing altijd ontstaat in de periferie, in de marge van een samenleving, en niet in haar centrum. Wie de toekomst wil begrijpen, moet vooral uitkijken naar wat op het eerste zicht tegendraads, controversieel en marginaal lijkt, maar bij nader toezien de kiemen in zich draagt van een nieuwe, betere tijd. 
 
Ik zette in de jaren 1980 mijn eerste stappen in de marketingwereld in het reclamebureau dat de 'handshake' van Flanders Technology had ontwikkeld. Later was ik een van de pioniers van het opstartende Telenet. Ik heb vanop de eerste rij meegemaakt en beleefd hoe technologie begeesterend kan werken, en uitzicht kan bieden op een nieuwe, wondere wereld. En dat is vandaag niet anders. Wetenschappers, ingenieurs en creatieve geesten roeien vaak tegen de tijdsgeest in, hun tijd ver vooruit. Maar zij plaveien op die manier wel de weg naar een andere, betere toekomst. Die hoop mogen we nooit opgeven.
 

Opmerkingen zijn gesloten.
Ontvang wekelijks de laatste blogposts in je mailbox! privacyverklaring
 

RSS-feed

© Copyright - THINK BBDO - Privacy-Charter en cookies
  • Home
  • De Toekomst Is Terug
  • Over Fons
  • Doe de test
  • Contact